2e spoor re-integratie: van verplichting naar kans

Door Ingeborg IJssels, re-integratieadviseur / loopbaancoach bij HN-AB

“Als je het goed aanpakt, help je niet alleen je medewerker, maar ook jezelf als werkgever.”

Ik werk al jaren als re-integratiecoach bij HN-AB en begeleid dagelijks medewerkers en werkgevers in 2e spoor re-integratie. En toch hoor ik bij bijna elk traject dezelfde eerste reactie:
Waarom is dit nodig? We doen al zoveel.

Die gedachte begrijp ik heel goed. Verzuimtrajecten vragen veel aandacht en energie. Er speelt vaak al van alles: onzekerheid bij de medewerker, druk op het team, vragen vanuit HR en de bedrijfsarts. Dan voelt 2e spoor al snel als ‘nog iets wat moet’.

Maar in de praktijk zie ik iets anders. Goed ingericht kan 2e spoor juist rust, duidelijkheid en perspectief geven. Voor de medewerker én voor jou als werkgever.

Waarom komt 2e spoor hier ook nog bij?

In gesprekken met werkgevers hoor ik vaak dezelfde verzuchting:
We investeren al zoveel in zieke medewerkers, waarom komt dit er ook nog bij?

Dat is een logische vraag. Toch zit daar een belangrijk misverstand. 2e spoor re-integratie is geen extra verplichting, maar een logisch onderdeel van de Wet verbetering Poortwachter.

Zodra duidelijk wordt dat terugkeer in de eigen functie of organisatie niet realistisch is, vraagt de wet om actie. Niet om iemand ‘weg te sturen’, maar juist om te voorkomen dat iemand onnodig lang in onzekerheid blijft. En om te voorkomen dat jij als werkgever onnodig lang loon moet doorbetalen.

In mijn werk zie ik dat het probleem vaak niet zit in het móéten starten met 2e spoor, maar in het te laat starten.

Wanneer start je met 2e spoor re-integratie?

Wat ik in de praktijk vaak zie, is dat 2e spoor pas wordt ingezet aan het begin van het tweede ziektejaar. Dat mág, maar het hoeft niet. Je mag namelijk al starten na de achtste week van verzuim.

Werkgevers die eerder starten, merken dat dit vaak juist lucht geeft. Niet alleen juridisch, maar ook menselijk. Er ontstaat duidelijkheid. Medewerkers weten waar ze aan toe zijn. En werkgevers verkleinen het risico op problemen richting het UWV.

Te laat starten, of 2e spoor vooral ‘op papier’ uitvoeren, vergroot juist de risico’s. Het UWV verwacht actieve begeleiding. Denk aan coaching, ontwikkeling van vaardigheden en concrete stappen richting werk. Dat vraagt tijd, aandacht en ervaring.

2e spoor begint niet met vacatures, maar met mensen

Een van de grootste fouten die ik zie, is dat 2e spoor te snel praktisch wordt ingestoken. Terwijl het daar vaak nog helemaal niet aan toe is.

De eerste fase van een 2e spoortraject draait om acceptatie. Medewerkers moeten verwerken dat hun eigen werk niet meer kan. Dat is vaak een rouwproces. Als je daar geen ruimte aan geeft, kom je simpelweg niet verder.

Pas daarna ontstaat er ruimte om opnieuw te kijken. Naar talenten, naar interesses die misschien lang zijn blijven liggen, en naar wat wél past binnen de belastbaarheid. Daarom zie ik 2e spoor niet als een verplicht nummer, maar als een loopbaanvraagstuk.

Ik begeleidde bijvoorbeeld een technicus die uiteindelijk overstapte naar werk met maatschappelijke impact en zich liet omscholen. Dat zijn geen uitzonderingen, mits het traject zorgvuldig wordt begeleid.

Wat levert 2e spoor re-integratie jou als werkgever op?

Werkgevers zijn vaak verrast door wat een goed ingericht traject oplevert. Niet alleen voor de medewerker, maar ook voor henzelf.

Ik hoor regelmatig terug:
“We bleven betrokken, maar werden echt ontzorgd.”

Dat is precies de bedoeling. Een zorgvuldig 2e spoortraject zorgt ervoor dat je voldoet aan wet- en regelgeving, het risico op financiële sancties verkleint en laat zien dat je professioneel en menselijk werkgeverschap serieus neemt. Tegelijkertijd voelt de medewerker zich gezien en serieus genomen.

Waarom deze aanpak werkt bij HN-AB

Bij HN-AB werken re-integratie, coaching, HR-services en werkgeversadvies nauw samen. Dat merk ik dagelijks in de praktijk. Werkgevers hebben één vast aanspreekpunt, maar profiteren van meerdere disciplines onder één dak.

We werken met korte lijnen, een groot netwerk van werkgevers en werkervaringsplekken en vaste momenten waarop we actief zoeken naar passend perspectief. Zo maken we 2e spoor re-integratie werkbaar, voor werkgever én medewerker.

Het grootste misverstand over 2e spoor

Dat het kansloos is en alleen maar geld kost.

Mijn ervaring laat iets anders zien. Ook als uitstroom naar werk uiteindelijk niet haalbaar blijkt, geeft een goed traject duidelijkheid richting het UWV en voorkomt het onnodige spanning en onzekerheid. Dat alleen al maakt het waardevol.

Twijfel je of 2e spoor re-integratie nodig is?

Dan adviseer ik altijd om even stil te staan bij je huidige zieke medewerkers, de prognose te bespreken met de bedrijfsarts en eerlijk te kijken naar de haalbaarheid van terugkeer binnen je organisatie.

Is terugkeer niet realistisch? Wacht dan niet te lang. Tijdige actie helpt iedereen verder.

Samen maken we 2e spoor werkbaar

2e spoor hoeft geen last te zijn. Met de juiste aanpak wordt het een menselijk, zorgvuldig en professioneel traject dat past bij toekomstbestendig werkgeverschap.

Wil je sparren over een lopend verzuimdossier of weten wanneer 2e spoor re-integratie voor jouw organisatie het juiste moment is?
 

Neem gerust contact op. We denken graag met je mee.


Wat wil ik medewerkers meegeven die met tegenzin aan een 2e spoortraject beginnen?

Zie het niet als een eindpunt, maar als een moment van heroriëntatie. Een 2e spoortraject is in de kern een loopbaanvraagstuk: wie ben je nu, wat kun je nog wél en wat past bij jouw belastbaarheid? Door hier eerlijk naar te kijken, ontstaat vaak nieuw perspectief. Soms buiten de sector die je kent, soms zelfs in een richting waar je eerder nooit aan toe kwam. Het vraagt moed om uit je comfortzone te stappen, maar juist daar ontstaat groei.